
Hetty van de Wal-Kleeman (90). Weduwe, 3 kinderen. Geboren in Batavia. Kwam in 1954 met de Willem Ruys naar Nederland, het schip dat tijdens de oorlog op de helling bij De Schelde stond.
“We kwamen ’s winters in tropenkleding aan. Het sneeuwde. Wij noemden dat ‘udjang kapok’: een regen van katoenplukken. Van V&D kregen we gelukkig warme kleding die onverkoopbaar was.”
“Mijn man was werktuigkundige en ging werken bij De Schelde. In 1971 waren we de eerste bewoners in dit huis in de Lingestraat. Hier ligt mijn hart. Hier in Souburg heb ik alles opgebouwd.”
“Begin jaren 70 gingen steeds meer moeders werken. Vanuit het Leger de Heils ben ik toen de eerste kinderopvang van Souburg begonnen. In het gemeentehuis, waar nu Omroep Zeeland zit.”
“De moeders betaalden dan een rijksdaalder per keer. Nog overal waar ik kom, word ik herkend en juf Hetty genoemd. Het grootste verschil met Vlissingen: Souburg geeft een dorpsgevoel.”
“Eens per maand ga ik naar de Kumpulan, een Nederlands-Indisch samenzijn met muziek, dansen en eten. En elke week zing ik in een Moluks-Indisch bejaardenkoor bij zorgcentrum Tabadila.”
“Als ik op het bankje voor mijn huis zit, blijft iedereen staan voor een praatje. Ook oud-leerlingen die zelf al opa of oma zijn. Ben gewoon heel gelukkig en hoop hier tot het einde te kunnen blijven.”